Gonocephalus Chamaeleontinus

Ervaringen

Inleiding

Kameleonhoekkopagame Gonocephalus Chamaeleontinus zijn zeker geen beginnerdieren.

De dieren zitten bijna de hele dag stil, wat enorm saai kan worden.

Veel dieren worden daarom afgedankt of verwaarloosd en sterven.

Bezint eer u begint of doe eerst ervaring op met gemakkelijke hagedissen.

Aangezien deze soort als nakweek nog zeldzaam is in België (om niet te zeggen onvindbaar) zijn de in de handel gebrachte dieren wildvang.

Als zo vele dieren die afkomstig zijn van Zuidoost-Azië, komen zij vaak in een gemiddelde gezondheidsstand aan, uitgedroogd en sterk geparasiteerd.

Mede door het transport zijn de dieren gestrest en weigeren ze voedsel. Het is dus absoluut noodzakelijk om ze in de grootste rust te laten wennen, en dit door het vermijden van stress situaties en ze in de war te brengen (buiten het onderhoud en de veterinaire diensten).

Onze ervaringen

Toen ik mijn keuze had gemaakt om de Kameleonhoekkopagame Gonocephalus Chamaeleontinus te gaan houden kon de speurtocht beginnen. Van deze dieren is geen nakweek te vinden, het is dan ook wildvang die wordt aangeboden. Deze speurtocht leidde mij naar de Jungle Shop in Gent. Daar hadden ze een koppeltje zitten uit wildvang. Deze dieren zaten onder stress en waren donker. Ik heb de gok gewaagd en de dieren eerst rustig laten wennen aan hun nieuwe verblijf. Ik heb ze een kuur gegeven van metronidazol, dit omdat het om wildvang ging en de kans groot was dat ze onder de parasieten zaten. De dieren zijn redelijk vlug op kleur gekomen maar schuw en bijterig bleven ze.

 

De huisvesting bestaat uit een terrarium met de afmetingen L120xD60xH140. Als grondbedekking heb ik gekozen voor turf met als bovenlaag houtsnippers, mos en bladeren. Verder is het terrarium aangekleed met echte planten zoals, ficus, varens, bromelia's en vele klimmogelijkheden van takken. De achterwand is bekleed van boomschors waar ze gretig gebruik van maken, dit is hun geliefkoosde plaats. Ook is er een waterbassin met stromend water door middel van filtering. Om het compleet te maken is er ook een sproeiinstallatie voorzien die om de drie uur automatisch sproeit met een tijdspanne van één minuut. De verlichting bestaat uit een warmtespot (Flood) van 100W (afhankelijk van het seizoen) een spaarlamp (als extra verlichting voor de plantengroei)  en een UV-Tl van Zoo Med (36/914mm 5 UVB). Onder deze omstandigheden verkrijg ik een omgevingstemperatuur van +/- 28°C, onder de spot loopt deze temperatuur uiteraard op. s'Nachts daalt de temperatuur tot ongeveer 20°C. De luchtvochtigheid bedraagt 70 tot 80% overdag, s'nachts kan deze oplopen tot 90%.

De eerste vervelling volgde redelijk snel en de kleuren kwamen beter tot uiting. De staart kleurde helblauw in banden, eerst bij het mannetje nadien ook bij het vrouwtje. De eerste weken maakte ik mij wat ongerust omdat ik ze nog niet had zien eten, het was echt aftasten wat voeding betreft. Na ongeveer drie weken kreeg ik ze dan toch op gang of beter gezegd zag ik ze voor het eerst eten. Regenwormen en zijderupsen genoten de voorkeur maar ondertussen behoren krekels ook al tot het menu. Groenten en fruit bied ik ook regelmatig aan, maar dit heb ik ze nog niet zien eten.

Na ongeveer drie maanden mocht ik de eerste paringsdrift waarnemen, het mannetje zette daarbij de keelkam volledig open en begon het hangbare kopknikken te doen. Tot een echte paring heb ik het niet zien komen. De keelkam en hoofdkam wordt ook opgetrokken bij bedreiging, dit doen ze steeds als ik met mijn hand in de bak kom, ze voelen zich dan bedreigd en vluchten weg. Hanteren is er echt niet bij, daar ze behoorlijk kunnen bijten doe ik handschoenen aan.

Op 25 augustus 2006 sloeg het noodlot toe. Na onze thuiskomst van een welverdiende vakantie, vond ik het mannetje onderaan in het terra terug volledig uitgeput en graatmager met de bek opengesperd. Ik heb dan nog getracht hem te dwangvoeren, maar het kon niet baten tegen de avond overleed hij. Wat de oorzaak was bleef mij een raadsel. De volgende dag (26/08/2006) was mijn verbazing nog groter. Toen ik de bakken aan het reinigen was vond ik in het waterbassin vier eieren terug. Tijdens onze vakantie had het vrouwtje haar eieren in het water gedeponeerd en zodanig kon ik niet achterhalen hoelang deze er al lagen. De reden hiervan blijft mij ook onbekend, de luchtvochtigheid en de grondbedekking is nochtans vochtig genoeg en nergens vind ik hier enige informatie over. De eieren zagen er op het eerste zicht nog gaaf uit, deze waren ongeveer 1.5 cm groot. Maar aangezien de eieren in het water lagen en door de filterpomp heen en weer waren geschud, ga ik er vanuit dat de eieren verloren zijn. Ik heb ze dan ook niet ondergebracht in een broeikas. De eieren heb ik gewoon in het terra ondergegraven in de vochtige aarde op ongeveer 10 cm diepte. De toekomst zal het uitwijzen wat ervan wordt. Ik maak mij dus zeker geen illusies maar ben toch tevreden dat het gelukt is om eieren te vinden. Dit duidt toch dat de dieren in de juiste omstandigheden worden gehouden. Nu enkel de reden nog vinden waarom het is mis gegaan met het mannetje en waarom de eileg in het water?

Ondertussen kan ik terug met de speurtocht beginnen om een nieuw mannetje te vinden en eventueel een tweede vrouwtje. Omdat zoals ik al eerder zei dat er van deze soort geen nakweek te vinden is in België, ga ik waarschijnlijk op zoek in Duitsland en dit op de volgende beurs van 16 september in Hamm. Hopelijk word ik daar beloond op mijn speurtocht en vindt ik nakweek, zodanig dat de gebruikelijk problemen van wildvang achterwege blijven.

Rond 10 december 2006 begon mijn vrouwtje te graven, dus een nakende eileg kondigde zich aan. Hier is weer eens het bewijs geleverd dat reptielen de zaadcellen voor een lange tijd kunnen opslaan, ze zit immers al meer dan 4 maand alleen. Het gat maakte ze 12 cm diep. Op 17 december was het dan zover ik vond één eitje in de kuil die ze had gegraven, toen ik verder de bak begon af te speuren vond ik in totaal zes eitjes de andere vijf lagen verspreid in het terra. Eindelijk was het mij gelukt en de blijdschap was groot, maar deze sloeg snel om in verbijstering. Het eitje dat in de kuil lag, die ze immers niet had dichtgegooid was nog intact, maar de andere eitjes waren aangevreten, uitgezonderd één die ik nog kon redden. De pissebedden die ik in het terra had geplaatst als voedsel en als bodemkuissers hadden de eitjes aangevreten en hadden dus hun werk te goed gedaan. Een nieuwe maar harde les heb ik hier uit geleerd. De twee geredde eitjes heb ik ondergebracht in een broeikas bij een temperatuur van 23°C met een luchtvochtigheid tussen 70-90%. Hopende dat dit een succes wordt blijft de zoektocht verder gaan naar een geschikt mannetje, de vele contacten die ik tot hiertoe had waren negatief. Maar als alles goed gaat zouden er in januari  beschikbaar zijn.

Een paar weken na het onderbrengen van de twee eitjes in de broeikas is er eentje gaan schimmelen en was verloren. Het resterende eitje ging goed en hier was alle hoop op gevestigd. Begin Maart was het dan zover het eitje vertoonde deuken en begon te zweten, een nakende uitkomst melde zich. Maar het heeft niet mogen zijn, het jong was te zwak om uit het ei te geraken en was verloren. Dit was een zware tegenslag, zeker omdat ik hier alle hoop had op gevestigd en toch op een primeur rekende. Ondertussen heb ik nog steeds geen geschikt mannetje gevonden en blijft de zoektocht verder duren.

Op 1 april 2007 begon het vrouwtje terug graafneigingen te vertonen. Op 10 april was het dan zover, zes eitjes waren afgelegd op ongeveer 10 cm diepte en de kuil was volledig dichtgegooid door het vrouwtje. Aangezien ze nu het werk volledig heeft afgemaakt hoop ik op een succes, ook omdat ik over deze zwangerschap meer controle had dan in de voorgaande gevallen het geval was. Nu was ik er op voorbereid en heb dan ook er goed op toegezien dat het zwangere vrouwtje genoeg calcium en vitaminen heeft toegediend gekregen. Dit was nu ook beter te verwezenlijken omdat de band tussen mij en haar toch al beterschap heeft opgeleverd. Tijdens de voederbeurten vlucht ze niet meer in paniek weg, en soms komt ze de voederdieren halen. De eitjes zijn nu in vermiculiet gelegd en ondergebracht in de broeikas op een temperatuur van 24°C.

incubatie eitjes gonocephalus

Veertien dagen na het onderbrengen in de broeikas, waren de eitjes verloren. Deze waren hoogstwaarschijnlijk onbevrucht.

Op 07/06/2007 was het dan weer zover en er volgde terug een eileg en dit met een totaal van 7 eitjes.  Deze eitjes waren eveneens onbevrucht.

 

Op 21/07/2007 was het dan eindelijk zover, de speurtocht naar een mannetje was tot een goed eind gekomen en we konden ons dier gaan ophalen. Ik werd gecontacteerd door Joerie van Gekko-reptiles in Lier met de melding dat hij wel eentje had zitten voor mij. Hijzelf had zelf eitjes mogen rapen van zijn dieren en was zo op onze site terecht gekomen om informatie te zoeken. Hij had nog één volwassen man zitten en daarnaast hebben we ons ook nog een volwassen vrouwtje aangeschaft, zodanig dat we nu in het bezit zijn van een volwassen trio.

Op 09/09/2007 brachten we een bezoek aan de beurs van Serpentes in Dadizele en er wachtte ons daar een grote verrassing, bij het binnenkomen zag ik op de eerste stand een aanbod van de Gonocephalus. De verleiding was te groot en zodanig hebben we ons nog een derde vrouwtje aangeschaft.

De nieuwe dieren hebben zich zonder enig probleem aangepast aan hun nieuwe omgeving en huisvesting. Zodanig dat we op 08/12/2007 onze eerste eitjes mochten rapen van ons vrouwtje die we op 21/07/2007 hadden aangeschaft. Deze keer was het een legsel van 9 eieren, wat toch relatief veel is voor deze soort. Hopende dat deze eieren bevrucht zijn hebben we ze ondergebracht in onze broedstoof bij een temperatuur van 25°C.Na een paar onbevruchte legsels, legde vrouwtje 2 opnieuw 7 eitjes op 09/02/2008 gevolgd door vrouwtje 1. Na een tweetal weken waren de eitjes van vrouwtje 1 verloren en dit betekende hoogstwaarschijnlijk dat deze wederom onbevrucht waren. Daar tegenover gaan de eitjes van vrouwtje 2 uitstekend en dit gedurende de verlopen 2 maand zonder één enkele uitval. Nu maar hopen dat het deze weg blijft opgaan. Op 15 april kon ik eindelijk een echte paring waarnemen. Ik had al een tijdje mogen aanschouwen dat het mannetje achter de vrouwtjes aan zat en eindelijk zag ik dat hij tot paring overging. Het ritueel is zoals bij de meeste hagedissen met het nodige kopknikken tot gevolg. Ik kon waarnemen dat hij zijn oog had laten vallen op een vrouwtje in zijn buurt, het gevolg was dat hij hierbij de keelkam wijd opentrok en met zijn staart trilde, hierbij ging hij dan op zijn beurt kopknikken maar dit waren eerder korte schokken en niet zoals we dat bij bv. de baardagame kennen. Het overmeesteren van het vrouwtje gebeurde heel snel met nekbijten en het verstrengelen van de staart. De paring zelf duurde maar een aantal seconden en dit heeft ons toch weer wat nieuwe hoop om tot een succesvolle kweek te komen met deze soort.

 hoekkopagame_paring

Begin juni 2008 gingen de eitjes invallen van het legsel van vrouwtje 2, eentje was gescheurd en ik kon een groen stukje huid opmerken van het jong. Na een paar dagen was er nog steeds geen uitkomst en de vrees op weer te zwakke jongen sloeg toe. Na twee weken heb ik de knoop doorgehakt en de eitjes opengemaakt. Waar ik voor vreesde was een feit binnenin zaten volgroeide maar afgestorven jongen die wederom te zwak waren voor geboorte. Daar ik de eitjes steeds uitbroed in een droge broedstoof gaan we het nu eens op een andere manier proberen en dit door te eitjes in het doosje met vermiculiet rechtstreeks in het terra te laten staan. Momenteel heb ik nu reeds al meer dan één maand een legsel van vrouwtje één in het terra staan en alles gaat tot hiertoe prima.

Op 26 juni 2008 sloeg het noodlot nog harder toe. Bij vrouwtje 2 had ik de week ervoor opgemerkt dat ze problemen had om haar eieren kwijt te raken, toen ik stappen wou ondernemen zag ik haar net op dat moment haar eieren van bovenaf in het terra naar beneden werpen. Daarmee dacht ik dat het probleem van de baan was, maar de daarop volgende dagen lag ze er uitgeput en lusteloos bij. Wat op zich niet abnormaal is na een eileg, maar ik voelde dat er iets niet pluis was. Ik probeerde haar wat aan te sterken door haar wasmot larven toe te dienen, maar dat weigerde ze. Ook liet ze haar heel gemakkelijk hanteren en toen voelde ik dat er nog één eitje aanwezig was. Dus een afspraak met de dierenarts was de boodschap. Jammer genoeg is het zover niet meer gekomen want de voormiddag voor de afspraak is ze heen gegaan. We zullen haar missen eens te meer dat dit ons grootste vrouwtje was

Na de vele tegenslagen worden we op 18 augustus 2008 dan toch uiteindelijk beloond met onze eerste uitkomst wat dan ook voor een primeur zorgt. Het eerste jong van een eileg van zes eitjes die gebeurde op 15 mei 2008 ziet het levenslicht en dit na 95 dagen. Opmerkelijke kenmerken van het jong zijn dat het felgroen gekleurd is met zwarte gradaties en gebandeerde staart, wat zeker opvalt is de fel lichte heldere blauwe kleur van het vlies rond de ogen en de aftekening van de bek. De grootte van een pasgeboren jong bedraagt +/ 9 cm. Het tweede jong komt de dag erop (19/08/08) uit het ei gekropen, de dag daarop (20/08/08) zien twee jongen het levenslicht en de dag daarop (21/08/08) komt het vijfde jong ter wereld. Het allerlaatste jong komt op 25/08/08 ter wereld, dit betekend dat het een uitkomst is van 100% en het een absoluut succes mag genoemd worden.

 

Waarom is dit een primeur?

Wat deze nakweek zo bijzonder en uniek maakt is dat dit nakweek is uit een paring van onze dieren in gevangenschap en dit met een uitkomst van 100% als prachtig resultaat. Dit betekend toch dat de dieren in de juiste omstandigheden gehouden worden. Deze nakweek is er dan ook gekomen door jaren verschillende legsels op verschillende manieren te incuberen, de dieren te observeren en hun natuurlijke habitat grondig te bestuderen.

Zoals je hierboven al hebt kunnen lezen is het al een grote uitdaging om deze dieren in gevangenschap te houden, laat staan om er dan nog kweekresultaten mee te behalen. Soms is het zo dat de dieren eitjes dragen uit hun natuurlijke omgeving bij de import, reptielen kunnen immers een lange tijd het zaad opslaan voor een latere bevruchting. Na bij verschillende herpetologische verenigingen navraag gedaan te hebben kon er mij niemand enig kweekresultaat bevestigen, Het was dan ook een zware taak om deze dieren te beschrijven voor de positieflijst.
Het enige teken van geslaagde nakweek is de Denver zoo in Amerika die deze soort eens met succes gekweekt zou hebben http://www.aza.org/Publications/2004/08/SigEfforts.pdf ook zou Ingo Kober (Duitser) deze dieren al eens gekweekt hebben, maar daar vond ik niets van terug enkel een tekst op een forum. Ondertussen hebben we ook goede contacten met de Nederlander Rudy Van Breemen, Rudy kwam op onze site terecht toen hij info zocht over zijn dieren en op deze manier hebben we met elkaar al heel wat ervaringen gewisseld. Het was hem ondertussen ook gelukt om nakweek te verkrijgen van deze dieren, maar jammer genoeg bleef het langstlevende jong amper 10 weken in leven. De reden is niet duidelijk, maar de oorzaak zou wel eens kunnen liggen bij te zwakke jongen. Doordat de dieren een ruime tijd nodig hebben om te acclimatiseren ontbreekt het hen ook aan de nodige stoffen die ze hoogst nodig hebben om de eitjes aan te maken waardoor er ook zwakkere jongen ontstaan. Tenminste dit is mijn ervaring met deze dieren.

Nu de uitkomst een groot succes mag genoemd worden bestaat onze volgende opdracht eruit om deze minuscule diertjes van amper een gram te zien grootbrengen. Bij onze laatste uitkomst hadden we al een bang voorgevoel dat er iets mis was, daar dit diertje geboren werd met een blaasje op de ogen wat later een wit vlies werd bij twee andere dieren trede dit verschijnsel na een paar dagen ook op.

Het witte vlies bedekte beide ogen volledig en het was dus onmogelijk voor de diertjes om voedsel tot zich te nemen, ik probeerde dit te verhelpen door terra cortil op de ogen te smeren, maar het mocht niet baten. De dieren verzwakten zienderogen en op 04/09/2009 overleed onze laatste uitkomst, kort daarop om exact te zijn op 09 en 11/09/2008 overleden de andere twee dieren eveneens door verzwakking en dit door het probleem met de ogen. Dit probleem heb ik bij verschillende dierenartsen aangekaart en de reden zou liggen bij het feit dat er een gebrek aan vitamine A zou zijn opgetreden voor de geboorte. Dus bij de aanmaak van de eitjes zou de moeder een te weinig aan vitamine A gehad hebben, deze problematiek zou al eens eerder zijn voorgekomen bij kameleons die dezelfde verschijnselen zouden vertoond hebben. Ondertussen konden we ons verder concentreren op de drie overgebleven dieren waar dus duidelijk geen zichtbaar probleem mee was.  Deze dieren vertonen geen merkbare problemen en de dieren doen het uitstekend. De dieren zijn ondertussen overgeplaatst naar een terra van 40*40*60 deze is ingericht met echte planten (ficus, pumila) en als bodembedekking is er turf met als bovenlaag mos en een kleine waterschaal.  Op deze manier wordt de ideale vochtigheid beter behouden en eenmaal per dag word er gesproeid, dit gebeurt s'avonds een half uurtje voor de lichten doven. Deze dieren groeien heel traag, wat eigenlijk niet uitzonderlijk is daar de dieren pas op drie jarige leeftijd geslachtsrijp zijn.

Top sites ranking